Locatie: Basisschool Herman Gorter, Zaanstad
Functie: Leerkracht groep 7 & docent aan de Pabo Haarlem
Fun fact: Stelde zich dit jaar verkiesbaar voor GroenLinks-PvdA
Twee dagen per week staat Jeroen voor groep 7 op de Herman Gorter. De andere dagen werkt hij op de Pabo in Haarlem. Dat evenwicht is precies wat hij nodig heeft: “Op de Pabo heb ik rust. Ik geef twee colleges per dag, werk in mijn eigen kantoor en kan in stilte nakijken. Maar fulltime miste ik de reuring van een basisschool.”
Die reuring vindt hij op woensdag en donderdag: “Dan word ik volledig opgeslokt door de verantwoordelijkheid voor de kinderen. Die dynamiek past bij mij.”
Twee kanten van de medaille
Jeroen begon als docent biologie en natuurkunde in het voortgezet onderwijs, gaf later trainingen en intervisies en ontdekte zo zijn passie voor onderwijs aan toekomstige leerkrachten. Via de Pabo Leiden volgde hij het zij-instroomtraject en startte hij tegelijk op de Herman Gorter. “Nu kan ik praktijkervaring meenemen naar de Pabo en inzichten van studenten juist weer meenemen naar mijn groep 7. Dat mes snijdt aan twee kanten.”
Doordat Jeroen zelf voor de klas staat, voelen Pabo-studenten zich door hem gehoord: “Ze herkennen hun eigen worstelingen in mijn verhalen. Dat creëert veel vertrouwen.” Tegelijk laat hij zich graag inspireren door wat studenten teruggeven. “Soms zie ik in hun lessen zulke leuke opdrachten dat ik denk: dit ga ik ook doen. Zo heb ik laatst de klassieker ‘bouw een ballonauto’ weer eens met mijn groep uitgevoerd. Dat was een groot succes.”
Jeroen werkt bij voorkeur vanuit thema’s die meerdere vakken verbinden. Favoriet voorbeeld is het thema ‘chocolade’. “Daarbij gaan we aan de slag met vragen als waar groeit cacao en waarom? (aardrijkskunde), hoe kwam het in Europa? (geschiedenis & kolonialisme), hoe verwerk je cacaobonen? (techniek), betaal je liever iets meer voor een reep geproduceerd zonder moderne slavernij? (burgerschap). Een goed thema verbindt vakken vanzelf. Je hoeft het niet te forceren.”
Politieke betrokkenheid uit zorg voor kinderen
In de recente gemeenteraadsverkiezingen stond Jeroen op plek 11 voor GroenLinks–PvdA. De partij haalde zes zetels, maar Jeroen kreeg wél 207 voorkeursstemmen: “Net te weinig voor een voorkeurszetel, maar het motiveert me enorm om door te gaan. Ik blijf me inzetten, al is het voorlopig meer vanaf de zijlijn.”
Hij voerde het afgelopen jaar veel politieke gesprekken over thema’s die hem raken: gezondheid, beweging en gelijke kansen in het onderwijs.
Sinds hij op de Herman Gorter werkt, ziet Jeroen dat leerlingen maar één keer per week 45 minuten gym krijgen. “Niet omdat we dat willen, maar omdat er simpelweg te weinig gymzalen zijn in ons stadsdeel. En dat terwijl beweegarmoede en overgewicht toenemen.”
Ook rondom voeding ziet hij veel ruimte voor verbetering: “Schoolfruit is mooi. Een broodjesregeling ook. Maar mijn ideaal is dat kinderen vijf dagen per week tijdens schooltijd alleen gezond eten krijgen. Water, fruit, een voedzame lunch, eventueel warm.” Voor Jeroen draait het om gelijke kansen: “Kinderen kunnen niet zelf kiezen. Ouders kunnen het soms niet aan. Dan zijn er landelijke kaders nodig, net zoals nu met het mobieltjesverbod dat goed werkt.”
Op zijn LinkedIn pagina schreef Jeroen eerder over het Zweedse model voor schoollunches, dat hem inspireert. Tegelijk blijft hij realistisch: “Je moet veel praten, luisteren en begrijpen waarom dingen lastig zijn.” Daarom voert hij het gesprek. Met collega’s, met de directie, op de school van zijn eigen kinderen én in de MR.
En natuurlijk ook rechtstreeks met zijn leerlingen. Hoe die reageren? Lachend: “Op het gebied van voeding vinden ze me irritant. Maar dat is slechts één kant van het verhaal: We zijn veel buiten, ze zijn nieuwsgierig en willen leren. En als ik vertel over mijn reizen, hangen ze vaak aan mijn lippen tenzij ze net in een suikerdip zitten.”
En wat eet Jeroen zelf als lunch? “Ha! Dat is een goeie. Soms betrapt iemand me op een broodje ongezond en dan word ik natuurlijk meteen afgefakkeld. ‘Jij hebt altijd praatjes over gezond eten, kijk jezelf nou!’ En eerlijk: ze hebben gelijk. Maar ik zeg altijd: I hate the game, not the player. Ik wil iets veranderen aan het systeem. En ja, ook ik leef niet perfect, precies daarom moet het systeem helpen.”