Karlijn en Rob deden onderzoek naar rijke taal

Op De Pionier staat taalonderwijs hoog op de agenda. Leerkrachten Karlijn en Rob, beiden taalspecialist op die school, zijn er elke dag mee bezig. Zij ontwikkelden een praktisch stappenplan dat scholen helpt bij het invoeren van rijke taal- en leesonderwijs.

Even voorstellen

Karlijn werkt inmiddels zo’n zes jaar op De Pionier. Na haar afstuderen aan de pabo begon ze bij de kleuters, waarna ze voor groep 3, 4 en groep 5 stond. Ze volgde een opleiding tot taalcoördinator aan Inholland in Alkmaar.

“Ik was toe aan een nieuwe uitdaging en wilde me ergens echt in verdiepen,” vertelt Karlijn. “Taal lag mij altijd al goed. Tijdens de opleiding werd ook verwacht dat je wat je leerde, direct toepaste in de praktijk. Daardoor kreeg ik meteen een actieve rol binnen school.”

Rob kwam zeven jaar geleden op De Pionier terecht als zij-instromer. Wat begon als een stageplek, groeide uit tot een vaste werkplek.

“Eigenlijk was het de bedoeling dat ik na mijn eerste periode naar een andere school zou gaan, maar het beviel zo goed dat ik gevraagd heb of ik mocht blijven,” vertelt hij. “Ik heb vooral in groep 7 gewerkt. Daarnaast werd ik gevraagd om taalcoördinator te worden, omdat taal op deze school een belangrijk speerpunt is.”

Taalbeleid: veel meer dan ontwikkelen alleen

Een belangrijk deel van hun werk als taalspecialist bestaat uit het ontwikkelen, bewaken en uitdragen van het taalbeleid van de school.

“De afgelopen jaren hebben we gemerkt hoe belangrijk het is om ons beleid goed vast te leggen,” vertelt Rob. “We hebben een relatief klein en enthousiast team, waardoor ideeën vaak snel worden opgepakt. Maar met personeelswisselingen en nieuwe collega’s merk je dat je zaken steeds opnieuw moet uitleggen. Daarom werken we nu aan een stevig taalbeleidsplan waarin duidelijk staat waar De Pionier voor staat en hoe wij taalonderwijs vormgeven.”

Karlijn vult aan: “In vergaderingen en overlegmomenten zorgen we ervoor dat die visie ook echt gaat leven binnen het team. We fungeren ook vaak als vraagbaak voor collega’s.”

Rijke teksten

Een van de grootste projecten waar Karlijn en Rob de afgelopen jaren aan werkten, was de vernieuwing van het leesonderwijs.

“Toen we kritisch naar onze resultaten keken, zagen we dat het anders moest,” vertelt Rob. “Niet alleen de resultaten waren een aandachtspunt, ook de manier waarop we lesgaven paste niet meer bij de inzichten van nu.”

De school maakte daarom een duidelijke omslag richting werken met rijke teksten. Leerlingen krijgen steeds vaker betekenisvolle teksten aangeboden die oorspronkelijk voor een echt publiek geschreven zijn in.

“Veel methodeteksten zijn kunstmatig eenvoudig gemaakt,” legt Karlijn uit. “Maar juist rijke teksten dagen kinderen uit om hun kennis, woordenschat en begrip verder te ontwikkelen.”

Die verandering bleef niet beperkt tot de leeslessen alleen.

Rob: “Rijke taal werd een rode draad door ons hele onderwijs. Dat zie je terug in de resultaten, maar ook in de kwaliteit van het onderwijs. Als we nu terugkijken, vinden we dat echt een succes.”

Onderzoeksproject

Hun ervaringen vormden de basis voor deelname aan een onderzoeksproject binnen de Werkplaats Onderwijsonderzoek Amsterdam.

Eerst dachten Karlijn en Rob dat ze vooral zelf nieuwe inhoudelijke kennis zouden opdoen. Tijdens het traject ontdekten ze echter iets anders. “Wij waren op school eigenlijk al behoorlijk ver met rijke teksten en leesonderwijs,” vertelt Rob. “Maar we merkten dat het invoeren van veranderingen niet vanzelf gaat. Je kunt materialen beschikbaar stellen en uitleg geven, maar daarmee is nog niet iedereen automatisch mee.”

Dat inzicht leidde tot een nieuwe onderzoeksvraag: wat is er nodig om een onderwijsvernieuwing succesvol te implementeren binnen een schoolteam?

Samen met onderzoekers en collega-leerkrachten ontwikkelden zij een praktisch stappenplan waarmee scholen doelgericht kunnen werken aan de invoering van rijk taal- en leesonderwijs.

“Het gaat niet zozeer over wát je inhoudelijk moet doen,” legt Karlijn uit. “Het gaat vooral over hoe je veranderingen duurzaam in een schoolorganisatie krijgt.”

Hun stappenplan is flexibel inzetbaar. Scholen kunnen onderdelen gebruiken die passen bij hun eigen situatie en fase.

Taal is overal

“Rijke taal moet eigenlijk de hele dag aanwezig zijn,” zegt Rob. “Door kennis op te bouwen, je woordenschat uit te breiden en kinderen in aanraking te brengen met rijke teksten, ontstaat een positief effect. Kinderen begrijpen steeds meer van de wereld, kunnen daardoor moeilijkere teksten aan en leren vervolgens weer meer.”

In elke klas worden wekelijks nieuwe woorden opgehangen en besproken. Karlijn wijst naar enkele kaarten in haar lokaal. “Deze week zijn dat bijvoorbeeld medaille en avondvierdaagse.”

“Herhaling is daarbij ontzettend belangrijk,” vertelt ze. “Een woord één of twee keer aanbieden is niet genoeg. Kinderen moeten het woord steeds opnieuw horen, gebruiken en herkennen voordat het echt onderdeel wordt van hun woordenschat.”

Daarbij maakt ze regelmatig verbindingen met haar eigen ervaringen of actuele gebeurtenissen. “Dat zorgt ervoor dat woorden betekenis krijgen en beter blijven hangen.”

 

 

Blijven investeren

Hoewel het onderzoeksproject grotendeels is afgerond, zien Karlijn en Rob hun werk als een doorlopend proces.

“Onderwijsontwikkeling is nooit af,” zegt Karlijn. “Er komen steeds nieuwe collega’s bij en ook bestaande collega’s hebben behoefte aan herhaling en verdieping.”

Rob knikt. “Je moet blijven investeren in de kwaliteit van je onderwijs. Dat vraagt om aandacht, samenwerking en voortdurende reflectie.”

Hun belangrijkste advies aan andere scholen?

“Zie taal niet als iets dat alleen tijdens de leesles gebeurt,” besluit Rob. “Maak rijke taal onderdeel van de hele schooldag. Daar profiteert uiteindelijk iedere leerling van.”